Achtergrond Informatie over de film ‘Kissin’ Cousins’

 

Kissin’ Cousins (1964) is een opmerkelijke film in het omvangrijke oeuvre van Elvis Presley, die zijn veertiende bioscoopfilm markeerde. De film, geproduceerd in een tijd dat de “formule-Elvis-film” (een mix van liedjes, exotische locaties en een eenvoudig plot) zijn hoogtepunt bereikte, heeft een uniek achtergrondverhaal dat sterk werd bepaald door financiële overwegingen van zijn manager, Colonel Tom Parker.

Hieronder volgt een gedetailleerd overzicht van het achtergrondverhaal, de productie en de impact van Kissin’ Cousins.

1. De Context: “PDQ” (Pretty Darn Quick) Producties

Na het succes van Blue Hawaii (1961) werden Elvis-films steeds meer “fabrieksmatig” geproduceerd. Echter, de film Viva Las Vegas (1963), met Ann-Margret, ging aanzienlijk over het budget heen. Colonel Tom Parker, die bekend stond om zijn strikte financiële controle, was hier niet blij mee. Als reactie hierop eiste hij dat de daaropvolgende films goedkoop en snel (“Pretty Darn Quick” of PDQ) werden gemaakt.

Kissin’ Cousins was het directe resultaat van deze nieuwe strategie. De film kreeg een krappe budget van slechts $800.000, wat extreem laag was vergeleken met de $4 miljoen van Blue Hawaii.

Om deze reden werd Sam Katzman aangesteld als producent. Hij stond bekend als de “King of the Quickies” in Hollywood, een producent die gespecialiseerd was in het draaien van goedkope films in recordtijd. De opnames waren in slechts 18 dagen voltooid, eind oktober en begin november 1963.

2. Het Verhaal en de “Dubbele Elvis”

De film speelt in op de toenmalige populariteit van “hillbilly”-cultuur, aangewakkerd door tv-shows zoals The Beverly Hillbillies.

Het plot volgt Josh, die naar de Great Smoky Mountains wordt gestuurd om zijn verre familie, de Tatums, te overtuigen hun land te verhuren aan het leger voor de bouw van een raketbasis. Daar ontmoet hij zijn dubbelganger Jodie en raakt hij verstrikt in een reeks verwisselingen en romantische verwikkelingen met verschillende “kissin’ cousins”, waaronder Azalea (gespeeld door Yvonne Craig) en Selena (gespeeld door Pamela Austin), terwijl Jodie een relatie begint met een WAC (Woman’s Army Corps) genaamd Midge.

De twee rollen:

Om de film aantrekkelijker te maken voor fans, besloot men Elvis een dubbelrol te laten spelen.

1. Josh Morgan: Een nette, donkerharige officier van de luchtmacht.

2. Jodie Tatum: Zijn blonde, wilde “hillbilly” neef.

Elvis droeg een “strawberry blond” pruik voor de rol van Jodie, een pruik die hij naar verluidt haatte, en voelde zich er ongemakkelijk bij. De film leunde zwaar op deze “twee Elvis-en voor de prijs van één”-marketing, hoewel het acteerwerk in de dubbelrol vaak als oppervlakkig werd beschouwd.

3. Productie en “Goedkope” Trucs

Vanwege het lage budget waren de speciale effecten om beide Elvis-en in één scène te krijgen zeer basaal. Het kostte destijds $750 per keer om een “split-screen” opname te maken. Hierdoor zijn Josh en Jodie in de hele film slechts vier keer samen in hetzelfde shot te zien. Hoewel de film in de bergen van Tennessee speelt, werd het grootste deel opgenomen op de MGM-studiosets en in het San Bernardino-gebergte in Californië.

Het scenario is geschreven door Gerald Drayson Adams, en de regisseur is Gene Nelson. De film werd geproduceerd door Sam Katzman, en net als bij de andere Elvis-films is Colonel Tom Parker weer de technisch adviseur.

4. Muziek en Soundtrack

Zoals gebruikelijk in een Elvis-film, was de muziek een cruciaal onderdeel. De titelsong, “Kissin’ Cousins”, werd een bescheiden hit en bereikte nummer 12 in de Billboard Hot 100. De soundtrack werd in 1964 uitgebracht op LP en bevatte een aantal uptempo rock-‘n-roll-nummers, maar ook typische filmballades. De titelsong werd zelfs met goud gecertificeerd door de RIAA.

De liedjes voor de film werden opgenomen op 26 en 27 mei 1963, en 29 en 30 september 1963
in de RCA Studio B in Nashville, Tennessee, onder leiding van Gene Nelson (die de film ook regisseert). Op verzoek van RCA Records, werden er 2 bonustracks aan het album toegevoegd, “Echoes of Love” en “(It’s a) Long Lonely Highway”.Deze nummers zijn puur voor opvulling, en zijn niet in de film te horen.

5. Ontvangst

Kissin’ Cousins ging op 6 maart 1964 in première. De film was commercieel gezien een succes: hij bracht ongeveer \(\$3\) miljoen op en eindigde op de 26e plaats van de best bezochte films van 1964.

Ondanks het kassucces waren de recensies verdeeld tot negatief. Critici vonden het verhaal zwak, de grappen flauw en de productiekwaliteit matig. Variety schreef destijds dat de film “een vrij treurige inspanning” was en dat Elvis beter materiaal verdiende, en dat meer van dit soort “dreary efforts” zijn carrière konden schaden.

Toch wordt de film door fans vaak herinnerd als een van de “leukere” formulefilms. Het dubbelrolaspect wordt gewaardeerd, en de film toont Elvis in een zelfbewuste, komische rol waarin hij de spot drijft met zijn eigen imago. De “hillbilly”-stijl, compleet met jonge, knappe “Kittyhawk”-meisjes die de soldaten achtervolgen, gaf de film een energieke, ‘campy’ sfeer.

6. Leuke weetjes over de film

In de eindscène is een stand-in duidelijk van voren te zien wanneer hij naar de camera loopt. Men besloot het niet opnieuw op te nemen, omdat dit te duur was.

De stand-in voor Elvis in deze film was Lance LeGault.

Het scenario werd genomineerd voor een Writers Guild of America Award in de categorie “Best Written American Musical”.

Memphis Mafia lid Joe Esposito, en de bekende actrice Teri Garr spelen een figurantenrol in deze film.

Glenda Farrell en Tommy Farrell, die beiden in deze film spelen, zijn in het echt moeder en zoon.

Op de aftiteling van de film is te lezen dat het nummer “Pappy, Won’t You Please Come Home” word gezongen door Dolores Edgin, maar dit klopte niet. Het nummer werd namelijk gezongen door Glenda Farrell.

Er werden 2 verschillende versies opgenomen van het nummer “Kissin’ Cousins”. Een versie die normaal werd ingezongen door Elvis, en één versie die op een “Hillbilly” achtige manier werd ingezongen, ook door Elvis. De laatste versie staat dan ook als “Kissin’ Cousins (Number 2)” te boek. De single “Kissin’ Cousins”, de versie die Elvis op een normale manier heeft ingezongen, werd in januari 1964 uitgebracht als single, en belandde op nummer 12 in de Amerikaanse hitlijsten. Van deze single werden er maar liefst 500,000 stuks verkocht.

Elvis had ook het nummer “Anyone (Could Fall in Love with You)” opgenomen voor de film. Er werden ook scenes voor gefilmd, maar dit werd op het allerlaatste moment toch weer uit de film geknipt. Het nummer is wel op de soundtrack verschenen.

De film Viva Las Vegas werd voor Kissin’ Cousins opgenomen, maar erna uitgebracht, waardoor Kissin’ Cousins formeel zijn 14e film is in volgorde van release, maar zijn 15e in volgorde van opname.

7. Merchandise en Memorabilia

De film Kissin’ Cousins heeft door de jaren heen een gevarieerde verzameling aan memorabilia en merchandise voortgebracht. Hoewel de film in de jaren ’60 een commercieel product was, zijn veel van de originele items nu gewilde verzamelobjecten.

Belangrijkste Merchandise en Memorabilia

– Originele Persingen Soundtrack: De eerste Amerikaanse persingen op het RCA Victor-label (LPM/LSP 2894) zijn populair bij verzamelaars.

– Bioscoopposters: Originele Amerikaanse posters (vaak ‘one-sheets’) uit 1964 zijn waardevol. Er zijn ook halve sheets en internationale varianten, zoals Italiaanse of Britse posters.

– Lobby Cards: Dit zijn sets van meestal acht foto’s die vroeger in de bioscoopvitrines hingen.

– Film gedragen kleding: Een bekend veilingstuk is het rode wollen jasje dat Elvis droeg tijdens het zingen van “One Boy, Two Little Girls”. Ook een rood overhemd uit de film is bij veilingen via Graceland Auctions verschenen.

– Foto’s & Prints: Er zijn talloze originele stills en moderne reproducties op fotopapier van hoge kwaliteit beschikbaar (met of zonder handtekeningen van de acteurs).

8. Overige

– In 2017 bracht het FTD label de soundtrack opnieuw uit op CD met de outtakes.

– In 2019 bracht het FTD label de soundtrack opnieuw uit op LP met de outtakes, in een zeer beperkte oplage.

9. Tot Slot

Samenvattend was Kissin’ Cousins een typisch product van de door de Colonel aangestuurde Elvis-filmindustrie van het midden van de jaren 60: snel gemaakt, winstgevend, en gericht op het entertainen van de fans met muziek en komedie, ondanks de matige kritische ontvangst.